Amandelen

De amandel (Prunus dulcis) is een bomensoort die inheems is in diverse landen in het Midden-Oosten en zuidelijk Azië. Al duizenden jaren geleden werd de amandel door de mens zo gewaardeerd dat hij naar de Mediterrane kusten van Noord-Afrika en Zuid-Europa werd overgebracht.
De amandelboom is een kleine loofboom, die tot een meter of tien hoogte kan opgroeien. In zijn wilde toestand komt de amandelboom voornamelijk voor in bergachtige gebieden, veelal tussen 700 en 1700 meter hoogte. De boom gedijt het best op zonnige hellingen op rotsachtige bodem in een mediterraan klimaat met warme droge zomers en milde, natte winters. De boom bloeit in het vroege voorjaar, wanneer de boom nog geen bladeren heeft gevormd. De bloemen zijn wit tot lichtroze. De amandelboom vormt steenvruchten, waarin een amandel zich ontwikkelt.

Het eerste deel van de wetenschappelijke naam, Prunus, is van Griekse herkomst en betekent ‘pruim’ en dat vertelt ons dat ook de amandel tot de uitgebreide familie van voornamelijk eetbare pruimachtigen behoort. Het tweede deel, dulcis, is afkomstig uit het Latijn, waar het 'zoet' betekent. Toch is het verhaal hiermee niet afgelopen omdat er zowel zoete amandelen als bittere amandelen bestaan. Het zijn twee broertjes van elkaar ofwel ondersoorten. Zoete amandelen zijn de vruchten van de Prunus dulcis dulcis, terwijl de bittere amandelen vruchten van de Prunus dulcis amara zijn. Voor de volledigheid: amara is afgeleid van het Latijnse woord amarus, dat 'bitter' of 'droevig' betekent.
De amandel is een steenvrucht en dat betekent dat het kwetsbare zaad, de eigenlijk eetbare amandel perfect beschermd wordt tegen vraatzuchtige dieren en ziekmakende organismen. Na de oogst wordt de buitenkant van de 'pit' van deze steenvrucht vaak alvast gekraakt. Daarna wordt het vlies wordt verwijderd door de amandel kort te blancheren.

Amandelen bestaan voor bijna 50% uit vetten. Uitgesplitst bestaan die vetten uit circa 7,5% verzadigde vetzuren, 62,5% enkelvoudig onverzadigde vetzuren en 24,5% meervoudig onverzadigde vetzuren. Daarnaast is een amandel rijk aan vitamine E en vitamine B2. Met andere woorden: zoals zoveel noten, zaden en pitten is het geen wonder dat het consumeren van een dagelijkse portie amandelen perfect past in het zo geroemde Mediterrane dieet.

Toch moet je wel een beetje oppassen omdat de bittere amandelen cyanogene glycosiden als amygdaline bevatten. Daaruit kan het giftige waterstofcyanide ofwel blauwzuur worden vrijgemaakt. Een vuistregel is dat, hoe bitterder ze smaken, hoe giftiger ze zijn.

Maar laat dit niet een reden zijn om je amandelen links te laten liggen. In de vaderlandse supermarkten ligt alleen de zoete (en dus gezonde) versie.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten