Pinda's

De pinda (Arachis hypogaea) is een beetje schizofreen. Iedereen denkt maar dat het een nootje is, vandaar namen als aardnoot, grondnoot, olienoot of apennoot. Botanisch gezien behoort hij echter tot de peulvruchten en is daarmee familie van de erwt. De Engelsen hadden het dus bijna goed: peanut betekent 'erwtnoot'. De pindaplant bloeit met helgele bloemen met een vorm die kenmerkend is voor peulvruchten.

Erwten zijn klimmers die met zijn tentakels naar de zon probeert te reiken, maar de pinda beweegt zich tegengesteld: de stengel waaraan de peul groeit wordt langer en boort zich in de grond. Onder de grond rijpt de vrucht en gaat vervolgens over tot ontkieming.
De getemde pindaplant is ooit ontstaan uit een tweetal gerelateerde soorten, Arachis duranensis en Arachis ipaensis. Het is niet bekend of dit een natuurlijk proces was of dat prehistorische boeren zo'n 8000 jaar geleden deze combinatie opzettelijk hebben uitgeprobeerd. Die twee soorten vormden eerst een nog vrij wilde vorm, de Arachis monticola, die nog steeds op een paar locaties in Argentinië kan worden aangetroffen. De moderne pinda stamt dus af van een mogelijk gelukkig samenkomen van twee voorouders.

Het eerste deel van de wetenschappelijke naam, Arachis, is een oeroude Griekse term voor een peulvrucht: arakos (αρακος). Het tweede deel, hypogea, is een combinatieterm uit het Grieks, waar ὑπό ‎(hupó) 'onder' of 'beneden' betekende en gaia dat 'aarde' betekende. De pinda graaft zich dus de grond in.
De pinda begon zijn reis om de wereld in Noord-Amerika. In het begin van de 19de eeuw werden ze in de Amerikaanse staat Virginia verbouwd voor hun arachide-olie en als substituut voor cacao. Slaven hem wisten te waarderen omdat ook in Afrika bepaalde grondnoten tot hun dieet behoorden. De blanke grootgrondbezitters zagen deze noot echter niet direct zitten en gebruikten ze eerst als veevoer. Pas na 1930 begonnen men in te zien dat ze nog lekker waren ook. Daarna begon de zegetocht pas echt en ondertussen zijn pinda's een van de belangrijkste landbouwgewassen in trpoische en subtropische gebieden.

Net als vele andere noten, zaden en pitten is ook de pinda een zeer gezond voedingsmiddel, want 100 gram bevat 7 gram verzagid vet, 16 gram meervoudig onverzadigd vet en 24 gram enkelvoudig onverzadigd vet. Jawel, pinda's kunnen ook ongeroosterd worden gegeten, maar we treffen ze uiteraard vrijwel altijd geroosterd aan. Gezouten pinda's zijn miscchien nóg smakelijker, maar we horen overal dat we onze zoutconsumptie zouden moeten minderen om een hoge bloeddruk te voorkomen.

Voor de mensen die een notenallergie hebben en toch willen genieten van pindakaas is er goed nieuws: tegenwoodig is er SunButter™. Het lijkt op pindakaas, het smaakt als pindakaas, maar het is gemaakt van zonnebloempitten.

Kan pinda-allergie voorkomen worden. Zie mijn column hier.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten